Laatste woorden
Afscheidsbrieven van geëxecuteerde verzetsmensen
Laatste woorden
Afscheidsbrieven van geëxecuteerde verzetsmensen
De laatste woorden van Armand Collignon (20 jaar)
Armand Collignon, een jonge douanier uit het Luikse dorpje Aubel, in het Land van Herve, sluit zich tijdens WOII aan bij een plaatselijke verzetsgroep. Hij helpt bij het doorgeven van militaire informatie en levert nummerplaten aan verzetsleden. In augustus 1942 wordt hij gearresteerd door de Duitse bezetter en opgesloten in de Prison Saint-Léonard in Luik. Na zijn proces wordt hij samen met twee kompanen ter dood veroordeeld. Op 29 december 1942 om 8u15 ’s morgens wordt Armand gefusilleerd in de Citadel van Luik. Hij is dan amper 20 jaar oud.
De avond voor zijn terechtstelling schrijft Armand een lange en emotionele afscheidsbrief aan zijn ouders. In die brief toont hij zich bijzonder moedig en diepgelovig. Hij vraagt vergiffenis voor zijn fouten, drukt zijn liefde uit voor zijn “Maman chérie et Papa chéri” en stelt zijn dood voor als boetedoening voor zijn gemaakte fouten. “Zeer geliefde ouders, lieve mama en lieve papa, zoals de Duitse legeraalmoezenier mij heeft doen begrijpen, offer ik mijn dood op als vergoeding voor mijn begane fouten. Ik aanvaard de dood als een goed christen. Zoals ik al zei, zal ik deze laatste nacht uitsluitend voor jullie bidden. Van jullie vraag ik moedig te zijn, mijn dood als offer te aanvaarden en voor mij te bidden.”
Armand besteedt in zijn brief ook aandacht aan de praktische kant van de zaken: “Jullie krijgen mijn wasgoed terug. Een zak met hemden en gescheurde kousen, twee broeken, mijn blauwe en rode trui die ik heb uitgedaan omdat ik het te jammer vond. Ook mijn grote schoenen, mijn portefeuille met inhoud, scheermes en toebehoren, mijn handdoek waarin een aluminium doosje zit met paté – het kerstpakket van Winterhulp. Bewaar het doosje als beker, als aandenken aan mij.”
Tussen praktische aanwijzingen over zijn bezittingen en boodschappen aan familieleden, klinkt vooral een grote kalmte en overgave door. Een pakkend fragment: “Het moeilijkste was dat ik jullie niet meer kon zien. Ik herinner me nog dat ik de avond voordien woorden had met papa over mijn uitstapje naar Herve. Vergeef me al het verdriet dat ik jullie heb aangedaan en bid voor mij. Wees gerust, ik sterf als een goed christen en het leven dat me hierboven wacht, is veel beter dan dit hier beneden. Daarboven is geen oorlog.”
Armand uit in zijn brief tot slot ook de wens om begraven te worden op de plek waar zijn ouders hun laatste jaren zullen slijten: “Als later mijn lichaam aan jullie wordt overgedragen, begraaf mij dan alstublieft in de Ardense grond, waar jullie maar willen, maar laat me niet in de provincie Luik. Mijn laatste wens is om begraven te worden in het dorp waar jullie jullie oude dag zullen doorbrengen wanneer papa met pensioen is.”
Deze aangrijpende brief werd ingestuurd naar het project Laatste Woorden, een initiatief van vzw Helden van het verzet en de VUB. Dit initiatief wil de laatste brieven en boodschappen van Belgische terdoodveroordeelden tijdens WOII verzamelen en op termijn voor iedereen ontsluiten. Armand Collignons brief is een ontroerende getuigenis van ouderliefde, geloof en verzet, geschreven in het aanschijn van de dood. Heb je weet van een afscheidsbrief in je familiearchief? Laat het ons dan weten via info@laatstewoorden.be.
Bronnen:
Afscheidsbrief Armand Collignon.
BEL-MEMORIAL. "COLLIGNON Armand." Geraadpleegd op 17 juli 2025. https://bel-memorial.org/photos/COLLIGNON_Armand_11179.htm.
Een afscheidsbrief van André De Smul (23 jaar)
In de Gentse deelgemeente Ledeberg kan je op een driehoekig graspleintje, ingesloten tussen de Schelde, een doodlopende zijtak van de rivier en de Edward Pynaertkaai, een ingetogen oorlogsgedenkteken aantreffen. Het monument herinnert aan de gefusilleerden en politieke gevangenen die tijdens de Tweede Wereldoorlog om het leven kwamen. In de volksmond heet het in vergetelheid geraakte perkje Park André De Smul.
Maar wie was André De Smul? Een jonge Ledebergse elektricien, die tijdens de Achttiendaagse Veldtocht als korporaal in het 2de Linieregiment actief is. In 1943 veroordeelt het Duitse Kriegsgericht in Gent De Smul wegens spionage. Het verdict is hard: doodstraf. De Smul is op dat moment 23 jaar. Op 24 mei 1943 wordt De Smul geëxecuteerd voor het vuurpeloton in Oostakker.
In de nacht voor zijn dood schrijft André De Smul nog een laatste brief naar zijn ouders. “Aller Liefste Ouders, hard zijn sommige oogenblikken in het leven, maar God beschikt er over en Hierbij is Zijn Wil. Zo heeft Hij gewild dat ik tansch in zijn rijk wordt opgenomen. Ik zie den dood met vertrouwen te gemoed en ik heb immers gebiecht en gecommunieceerd. Liefste Ouders, Treur niet om deze grootte droefnis die U overkomt maar betrouw op God den Heer en bid voor mijn arme ziel.”
De brieven die hij in gevangenschap naar het thuisfront stuurt, getuigen van de onvoorwaardelijke liefde voor zijn ouders, de kracht die hij uit zijn katholieke geloof put en het heldere besef dat zijn leven de laatste uren ingaat.
Om de herinnering aan de vermoorde verzetsmensen levendig te houden en onderzoek uit te voeren op de ‘laatste woorden’ van deze oorlogsslachtoffers, wil het project Laatste Woorden (vzw Helden van het verzet & VUB) zoveel mogelijk afscheidsbrieven verzamelen, transcriberen en ontsluiten. Heb je in jouw familie (afscheids)brieven van geëxecuteerde Belgen tijdens WOII? Laat het ons weten via info@laatstewoorden.be.
Bronnen:
Stadsarchief Gent, Afscheidsbrief André De Smul, DOC/2004/1 (schenking 1987/1).
Rijksarchief – Dienst Archief Oorlogsslachtoffers, Individuele dossiers ‘Statuut Politieke Gevangene’, AA2346.
De Craene, Tim. “Semper fidelis? De geschiedenis van de executieoorden Rieme en Oostakker.” Masterproef, Universiteit Gent, 2008.
Inventaris Onroerend Erfgoed 2025: Park André De Smul [online], https://id.erfgoed.net/aanduidingsobjecten/133192 (geraadpleegd op 19 juni 2025).
Tijdens de Tweede Wereldoorlog stierven zo’n 1500 Belgen - of mensen met een andere nationaliteit die in België verbleven - na een executie, uitgevoerd door de Duitse bezetter. Ze werden per gerechtelijk vonnis ter dood veroordeeld en terechtgesteld binnen of buiten de grenzen van bezet België. Het totale aantal terechtgestelden blijft een schatting: een volledige telling of namenlijst van de slachtoffers bestaat niet.
Hoewel de ‘terechtgestelden’ slechts een fractie vormen van het totaal aantal Belgische oorlogsslachtoffers, is er iets dat die groep onderscheidt. Officiële ter dood veroordeelden kregen de toelating om een afscheidsbrief te schrijven aan hun geliefden. Die brieven vormen een emotioneel gedenkteken aan de slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog, en een waardevolle historische bron.
Daarom zijn wij op zoek naar de Laatste woorden van de 1500 Belgische terechtgestelden.
Momenteel zijn nog niet alle terechtgestelden bekend. Bovendien maakte lang niet iedereen van de optie gebruik om een brief na te laten. En niet alle brieven werden meteen bezorgd aan de nabestaanden. Kortom, het is soms zoeken naar een speld in een hooiberg.
We hebben dus jouw hulp nodig.
Enkele zinnen, lange pagina’s of zelfs meerdere brieven van dezelfde hand: de vorm en stijl van afscheidsbrieven varieerde sterk. Sommige werden snel na de oorlog gedupliceerd, (deels) gepubliceerd en op die manier bewaard in archieven. Maar van veel brieven is elk spoor bijster. Op heel wat zolders of in privé-archieven van nabestaanden moeten dus nog brieven te vinden zijn.
Denk je een afscheidsbrief op het spoor te zijn? Laat het ons weten via www.laatstewoorden.be registreer je brief, en kom meer te weten over ons erfgoedproject.
Ben je zelf nabestaande? Uiteraard vragen we niet dit laatste aandenken aan een dierbare af te staan. Samen kunnen we wel instaan voor een digitale kopie. Je beslist zelf hoe de brief mag worden gebruikt. Via deze link kun je je afscheidsbrief met ons delen.